Vier grote uitdagingen voor de akkerbouw

Martin van Ittersum

Tekst: Robert Ellenkamp, Agrio, gepubliceerd in Akkermagazine 22 oktober

Om de wereldbevolking in 2050 te kunnen voeden, zal er meer akkerbouwproduct per hectare gerealiseerd moeten worden. In Afrika en Azië zijn daar ook mogelijkheden voor. In Europa en Nederland liggen de uitdagingen voor telers volgens professor Martin van Ittersum vooral in efficiëntie en minder emissies.

De wereldwijde vraag naar voedsel neemt tot en met 2050 met 60 procent toe. Maar de productie zal niet overal met 60 procent kunnen toenemen. Hoogleraar plantaardige productiesystemen Martin van Ittersum aan Wageningen Universiteit verwacht dat in Afrika een verdriedubbeling van de productie noodzakelijk is, terwijl die in Noordwest- Europa eerder gelijk blijft. „Wel zal er op ons continent op een meer verantwoorde manier geproduceerd gaan worden.”

Europees vraagstuk

Het Europese productievraagstuk valt volgens van Ittersum uiteen in drie onderdelen. De eerste is het in beeld krijgen van de huidige productie en het waar mogelijk kleiner maken van de ‘yield gap’ (opbrengstgat) door een betere bemesting, vochtvoorziening en ziektebeheersing. De Europese maatschappelijke behoefte om te verduurzamen vertaalt zich in de andere twee uitdagingen: zo min mogelijk milieubelasting door emissies van bijvoorbeeld broeikasgassen en pesticiden en het zo effi ciënt mogelijk omgaan met hulpbronnen. Van Ittersum: „Hoeveel kilo product kun je als teler produceren met 1 liter water of 1 kilo kunstmest? En economisch kan het ook uitgedrukt worden in een arbeidseenheid. Dat levert niet direct een hogere productie op, maar het komt wel op de sector af als een cruciale factor.”

Nederlandse potentie

De productie op de Nederlandse akkers kan ook nog wat verder omhoog. „Het opbrengstgat bestaat in ons land in beperkte mate. In granen zitten we met de huidige rassen dicht tegen de 80 procent van het theoretisch maximaal haalbare onder nietgeïrrigeerde omstandigheden aan. En dat blijkt in de praktijk het hoogst haalbare. Bij consumptieaardappelen zijn nog wel stappen te zetten, alleen ligt daar de nadruk op kwaliteit in plaats van op kwantiteit. Binnen de zetmeelteelt liggen wel mogelijkheden voor verkleining van het opbrengstgat, maar daar spelen de nauwe rotaties, vochtgebrek en ziektedruk een uitdagende rol.” De grootste sprong in productiestijging in granen moet dan ook komen van de genetische vooruitgang. „In Engeland zijn initiatieven om naar 20 ton graan per hectare te gaan. De komende 10 tot 20 jaar gaat de productie daardoor vast nog groeien. Maar de grote uitdaging is om dit schoner en met veel minder hulpmiddelen te doen.”

Vier uitdagingen

Om de opbrengst op peil te houden en/ of verder te verhogen met minder gebruik van hulpbronnen en binnen strengere milieuwetgeving voorziet Van Ittersum vier thema’s die verandering gaan brengen op het akkerbouwerf. De eerste is management op maat qua locatie en tijd. „Algemene adviezen zijn niet meer voldoende. Het moet plaatsspecifieker en meer op het juiste moment. Telers kunnen niet meer uit de voeten met gemiddelden. Precisiebemesting speelt daar op in. Daarbij ligt de uitdaging niet zozeer in de variatie binnen percelen, maar in het tijdspecifi eke dat afhankelijk is van de klimatologische omstandigheden. Helaas zijn groeiseizoenen hier wel veel lastiger te voorspellen dan in bijvoorbeeld Australië of Oost-Afrika.” Het tweede thema is de kwaliteit van de bodem en dan met name de fysieke en biologische eigenschappen. Verbreding naar andere gewassen, zoals soja of zonnebloemen, of verhoging van toegevoegde waarde op het bedrijf is het derde thema om risicospreiding te krijgen voor het akkerbouwinkomen. tenslotte zal het onderzoek en de sector moeten streven naar een drastische vermindering van de afhankelijkheid van schadelijke gewasbeschermingsmiddelen. „De komende 5 à 10 jaar gaat de publieke opinie dat echt van ons vragen.”

Ga terug